Add parallel Print Page Options

Psalm 142

Een gedicht van David, om iets van te leren. Hij maakte het toen hij in de grot was.[a] Een gebed.

Heer, ik roep luid tot U.
Smekend roep ik tot U.
Ik stort mijn hart bij U uit.
Ik vertel U al mijn moeilijkheden.
Ik ben wanhopig, maar U weet wat ik moet doen.
Overal waar ik ga, hebben mijn vijanden vallen voor me opgezet.
Ik zoek hulp, maar niemand komt me helpen.
Ik kan nergens heen.
Niemand wil me beschermen.
Ik roep tot U, Heer:
"U bent mijn schuilplaats. Bij U ben ik veilig.
U bent alles voor mij in dit leven.”
Luister naar mij, Heer, want ik ben wanhopig.
Red me van de mensen die me achtervolgen,
want ze zijn sterker dan ik.
Ik kan geen kant meer op! Red me!
Dan zal ik U prijzen,
samen met de mensen die leven zoals U het wil,
omdat U goed voor me bent geweest.

Footnotes

  1. Psalmen 142:1 Dit kan gaan over de keer dat David voor koning Saul was gevlucht naar de grot van Adullam. Lees 1 Samuel 22:1 en 2. David verschool zich meerdere keren met zijn mannen in grotten.

在困苦中呼求 神拯救

大卫的训诲诗,是在山洞时作的,是一篇祷告。

142 我大声向耶和华呼求,

高声向耶和华恳求。

我在他面前倾吐我的苦情,

在他面前陈述我的患难。

我的灵在我里面软弱的时候,

你知道我的道路。

在我所行的路上,

敌人暗设网罗陷害我。

求你向我右边观看,

没有人关心我;

我没有逃难的地方,

也没有人照顾我。

耶和华啊!

我向你呼求;

我说:“你是我的避难所,

是我在活人之地的业分。

求你留心听我的呼求,

因为我落到极卑微的地步;

求你救我脱离逼迫我的人,

因为他们比我强大。

求你把我从牢狱中领出来,

好让我称赞你的名;

义人必环绕着我,

因为你以厚恩待我。”