A A A A A
Bible Book List

Jeremia 16Het Boek (HTB)

16 Op een ander tijdstip sprak de HERE opnieuw met mij en zei:

"U mag hier niet trouwen en kinderen krijgen.

3-4 Want zowel de kinderen, die in deze stad geboren zijn, als hun ouders zullen aan ongeneeslijke ziekten sterven. Niemand zal om hen treuren of hen begraven; hun lijken zullen op de grond liggen rotten om de aarde vruchtbaar te maken. Zij zullen sterven door oorlog en hongersnood en hun lichamen zullen worden verscheurd door gieren en wilde dieren.

Ga niet naar hun begrafenissen. Treur of huil niet om hen en ga ook niet condoleren, want Ik heb mijn bescherming en vrede van hen weggenomen; mijn liefdevolle zorg en genade teruggetrokken.

Groot en klein zullen in dit land sterven, onbegraven en niet betreurd. Hun vrienden zullen zich niet snijden of hun hoofdhaar afscheren als teken van rouw.

Niemand zal de rouwenden troosten met een maaltijd of hun een beker wijn aanbieden als teken van verdriet om de dood van hun ouders.

Als voorteken van de droevige dagen die zullen komen, mag u hun feesten en partijen niet meer bijwonen; u mag zelfs niet samen met hen de maaltijd gebruiken.

Want de HERE van de hemelse legers, de God van Israël, zegt: Nog tijdens uw leven, voor uw eigen ogen, zal Ik een eind maken aan het gelach in dit land, aan de blijde liederen en het zingen van bruidegoms en bruiden.

10 En als u de mensen dit alles vertelt en zij u vragen: 'Waarom heeft de HERE zulke vreselijke dingen tegen ons afgekondigd? Waaraan hebben wij zo'n behandeling verdiend? Wat is onze zonde tegen de HERE, onze God?',

11 geef hun dan het antwoord van de HERE: Omdat uw voorouders Mij de rug hebben toegekeerd. Zij hebben andere goden aanbeden en gediend. Zij hebben zich niet aan mijn wetten gehouden.

12 Maar u hebt zich nog erger misdragen dan uw voorouders! U volgt de slechte ingeving van uw zondige hart en weigert naar Mij te luisteren.

13 Daarom zal Ik u uit dit land verdrijven en u naar een vreemd land jagen, waar uw voorouders noch u ooit zijn geweest. Daar kunt u doen wat u wilt en alle afgoden aanbidden die er maar zijn; maar Ik zal u dan geen voorrechten en genade meer verlenen!

14-15 Maar, zegt de HERE, er zal ooit een dag komen waarop iedereen erover praat hoe God Zijn volk heeft teruggebracht vanuit de landen in het noorden, waarheen Hij het als straf in slavernij had gestuurd. U zult het niet meer over Mij hebben als de God Die u uit de slavernij in Egypte bevrijdde. Dat machtige wonder zal dan nog maar zelden worden genoemd. Ja, Ik zal u weer terugbrengen, zegt de HERE, naar ditzelfde land dat Ik uw vaders gaf.

16 Maar nu laat Ik vele vissers komen, die u moeten opvissen uit de diepten, waarin u zich hebt verborgen voor mijn toorn. Ik stuur jagers erop uit die u zullen opjagen als herten in de bergen en klipgeiten in onbegaanbare rotskloven.

17 Want Ik houd u scherp in het oog en zie elke zonde. U hoeft niet te denken dat u zich voor Mij kunt verbergen.

18 Ik zal u dubbel straffen voor al uw zonden, omdat u mijn land hebt verontreinigd met uw walgelijke afgodsbeelden."

19 Jeremia zegt daarop: "O HERE, mijn sterkte en mijn burcht, mijn toevlucht in tijden van nood; volken uit de hele wereld zullen naar U toekomen en zeggen: 'Onze vaders zijn dom geweest, want zij aanbaden waardeloze afgoden!'

20 Kan een mens zijn eigen god maken? Ja, alleen zijn zij geen echte goden."

21 "Als zij met die instelling en overtuiging bij Mij komen", zegt de HERE, "zal Ik hun mijn kracht en macht laten zien en hen uiteindelijk laten begrijpen dat alleen Ik HERE ben."

Het Boek (HTB)

Het Boek Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®
Used by permission. All rights reserved worldwide.

  Back

1 of 1

You'll get this book and many others when you join Bible Gateway Plus. Learn more

Viewing of
Cross references
Footnotes